8.6 Verzamelobjecten
Sommige objecten stellen zelf een verzameling of collectie
gelijksoortige objecten voor. Voorbeelden zijn het object Workbooks
dat alle geopende werkmappen voorstelt, het object Worksheets
dat alle werkbladen uit de actieve map voorstelt en het object Borders
dat alle randen van het aangeduide object voorstelt. Verder komen
nog grafische objecten als Lines en Buttons
aan bod.
Opmerkingen:
- Voor bewerkingen met of informatie over de volledige
collectie gebruik je de naam van de
collectie. Zo geeft 'Worksheets.Count' je het aantal
werkbladen in de huidige map. Met 'Worksheets.Delete'
verwijder je alle werkbladen uit de map!
'Range("a1").Borders.LineStyle= 1' stelt de
waarde in voor de 4 randen van de cel A1.
- Je verwijst naar een item uit een
collectie door een index of een naam bij
de naam van het object te voegen. WorkSheets(1) duidt
blad 1 in de actieve map aan. Heb je een blad de naam
'Overzicht' gegeven dan kan je ernaar verwijzen met
Worksheets("Overzicht"). Je geeft een blad een
naam door de eigenschap 'Name' een waarde te geven. Bij
het werken met een index gebruik je eigenlijk de
standaardeigenschap 'Item'. Je mag de naam ervan dus
weglaten: Worksheets.Item(1) is identiek aan
Worksheets(1).
- Bij objecten als 'Borders' kan je een onderdeel ervan
aanwijzen dmv. een symbolische
constante.
- zoals hoger gezegd leveren de eigenschappen 'Rows',
'Columns' en 'Cells'
een bereikobject op dat als verzameling benaderd wordt.
De elementen ervan kunnen aangesproken worden met een (of
twee) index(en).
Oefeningen:
- Zoek het verschil tussen het object 'Worksheets' en het
object 'Sheets'.
- Welke items bevat het verzamelobject 'Borders'?
- Waarvoor gebruik je de methode 'Add' bij het
verzamelobject 'Worksheets'?
- Geef vanuit het 'Venster Direct' blad 2 van de huidige
map de naam 'Samenvatting'.