2.1 Definitie en omschrijving
2.2 Variabelen van verschillende gegevenstypes
2.3 Oefeningen
2.4 Extra informatie over variabelen
definitie: Een variabele is een naam waarin een waarde wordt opgeslagen m.a.w.
aan een naam wordt een waarde toegewezen.
omschrijving:
De eerste keer dat je een definitie leest komt dat moeilijk over, daarom gaan we het begrip variabele eerst duidelijk proberen te maken aan de hand van een uit het leven gegrepen voorbeeld. We gaan een variabele bekijken aan de hand van een vergelijking met een boekenkast .
Je kan een programma vergelijken met een ladenkast die verschillende laden bevat, met daarin variabelen die 1 of meerdere waarden kunnen hebben.
de boekenkast

Welke waarden kunnen de verschillende variabelen krijgen volgens deze boekenkast?
We gaan het begrip variabele nu toepassen in enkele voorbeelden van een javascript
voorbeelden :
wanneer je de variabele getal ,de waarde 5 geeft, schrijf je : getal krijgt de waarde5
wanneer je de variabele pi ,de waarde 3.14 geeft, schrijf je : pi krijgt de waarde 3.14
wanneer je de variabele zin ,de waarde "dit is een javascript geeft", schrijf je: zin krijgt de waarde"dit is een javascript"
voorbeeld in een html-document:
<html>
<head>
</head>
<body>
<script language="javascript">
var getal=5
var pi=3.14
var zin="dit is een javascript"
</script>
</body>
</html>
oefening: Typ dit javascript in met het programma kladblok en bewaar als varoef.htm op diskette
De waarden van variabelen kunnen gedurende het verloop van een javascriptprogramma gewijzigd worden.In voorbeeld 1 kregen 3 variabelen een waarde.
Een variabele kan een waarde van verschillende gegevenstypen bevatten.
We onderscheiden
a) getallen
Gehele getallen(integers) vb. 2 25 54 -15 -56 enz. Het is dus een getal waarin geen decimalen voorkomen en het gatal kan dus positief of negatief zijn.
Opmerking: Het statement (de opdracht) document.write(47) drukt bijvoorbeeld het getal 47 af in een html-document, zie het gebruik verder in de oefening varoef1.
Floating-point getallen vb. 3.14 Het is dus een getal dat bestaat uit een integer gevolgd door een puntteken en een decimale breuk.Een floating-point getal kan echter in tegenstelling tot een integer wel negatief zijn bijvoorbeeld -3.14
b) booleans of logische getallen
Deze hebben de waarde true(waar of 1) of false(onwaar of 0)
c) strings of tekenreeksen
Bijvoorbeeld "dit is een string" Een string bestaat dus uit één of meer tekens.
d) de waarde null voorgesteld door het keywoord null
Het is de waarde van een ongedefinieerde variabele.
a) het intypen en herkennen van een javascript met variabelen in een html-document
Typ onderstaand javascript in het programma kladblok en bewaar het als varoef1 op je diskette in het mapje javascript.
<html>
<head>
<title>
variabelen
</title>
</head>
<body>
<script language="javascript">
//hier begint het script
getal=5
waarde=3.5
zin="dit is een javascript"
keuze=true
//Indien we ook iets willen zien op het scherm
document.write(getal,"<br>")
document.write(waarde,"<br>")
document.write(zin,"<br>")
document.write(keuze,"<br>")
</script>
</body>
</html>
Hoe test je het script uit in je browser?
Plaats het programma kladblok op de werkbalk en open een browser.Open het bestand varoef1.htm uit het mapje javascript van je diskette en controleer of het programma juist is. Indien er een foutmelding is neem je terug je kladblok en zoek je de fout op. Meestal is het een tikfout.
Herken je in het javascript de verschillende gegevenstypes van variabelen ,integer,string,boolean en floating-point nummer?
Je ziet in het voorbeeld het gebruik van de symbolen // en de tag <br>. // betekent dat hetgene dat volgt achter deze symbolen bedoeld is als commentaar. Je kan de tekst : '4 variabelen krijgen een naam ' dus niet zien op een html pagina , enkel in de broncode.
De tag <br> betekent dat er na dit symbool telkens een nieuwe lijn moet komen, het is een line break.
b) Maak nog een drietal javascripts waarin je gebruik maakt van 4 variabelen waaraan je telkens andere waarden toekent.
Bewaar je oefeningen respectievelijk als varoef2, varoef3 en varoef4 in het mapje javascript op je diskette. Vergeet je oefeningen niet uit te testen in je browser en corrigeer eventuele fouten.
2.4 Extra informatie over variabelen
opmerkingen:
1)Een variabele een waarde toekennen is m.a.w. een variabele initialiseren.
In javascript wordt in tegenstelling tot vele andere programmeertalen een variabele automatisch gedeclareerd (een waarde toegekend) wanneer hij voor de eerste keer een waarde krijgt. Je mag echter elke variabele laten voorafgaan door het woord 'var' zoals in voorbeeld 1, maar je mag dus ook het woord laten vallen.Het woord 'var' kan gebruikt worden bij functievariabelen.
2) Maak bij het intikken van variabelen een onderscheid tussen kleine letters en hoofdletters, m.a.w.Java-script is case sensitive;