auteur: Luc Maeseele
Klik hier op het document te downloaden in wordformaat(2MB)

WinZip is een programma om een reservekopie van bestanden en mappen te nemen in een archiefbestand. Het is in eerste instantie bedoeld om zip-files te maken, maar het kan ook met een aantal andere soorten archiefbestanden overweg.
Normaal gezien worden de bestanden gecomprimeerd voordat ze in het archiefbestand weggeschreven worden. Op die manier nemen ze minder ruimte in. Vooral bij teksten met veel figuren kan dat een groot verschil maken.
Eén van de belangrijkste voordelen van WinZip is dat je werkt in een grafische interface om archiefbestanden te maken, te wijzigen, uit te pakken, te bekijken, terwijl je bij DOS-programma's als PKZIP, ARJ, LHA, LHARC, ... een aantal switches en opties moet kennen.
Van WinZip bestaat er zowel een 16-bit (Windows 3.1x) als een 32-bit (Windows 95 en NT) versie. Deze versies kun je op verschillende plaatsen vinden:
Het gaat hier wel om een shareware-versie die je gedurende 21 dagen gratis kunt gebruiken. Daarna moet je je laten registreren ofwel de versie van je computer verwijderen. Het is wel zo dat een niet-geregistreerde versie ook na de periode van 21 dagen blijft werken.
De 32-bits versie van WinZip zit opgeslagen in een exe-bestand. Dit bestand is een archiefbestand. Als je er in de verkenner op dubbelklikt, wordt het installatieprogramma gestart.
Klik op de opdrachtknop Setup. Het archiefbestand wordt uitgepakt in een submap van de map C:\Windows\Temp. Daarna verschijnt het volgende dialoogvenster. Hier wordt gevraagd waar het programma moet geïnstalleerd worden. Eventueel kun je hier het pad naar een andere map intikken. Klik op de opdrachtknop OK om te bevestigen.
De bestanden worden nu geïnstalleerd in de gekozen submap.
De wizard Winzip Setup wordt nu gestart. In de eerste stap krijg je informatie over de mogelijkheden van WinZip.

Klik op de opdrachtknop Next om naar de volgende stap van de wizard te gaan. Je krijgt een dialoogvenster waarin gevraagd wordt of je de licentie-overeenkomst wilt bekijken.
Als je op de opdrachtknop View License Agreement klikt, verschijnt een helpscherm met de nodige uitleg.

Na het sluiten van het helpscherm of als je de vorige stap overgeslagen hebt door op de opdrachtknop Yes te klikken, wordt gevraagd hoe WinZip moet gestart worden. Het is aan te raden om te kiezen voor Start with WinZip Classic.
Klik daarna op de opdrachtknop Next. Je kunt nu kiezen of hoe de setup verder dient te verlopen: Express setup (WinZip werkt de installatie zelfstandig af) of Custom setup (je kunt zelf kiezen hoe de installatie dient te gebeuren).
We kiezen hier voor Custom setup. In het volgend scherm toont WinZip hoe de installatie verder zal uitgevoerd worden. Druk op F1 als je uitleg over de verschillende mogelijkheden wilt. Het is aan te raden om alle selectievakjes in te schakelen.
Klik op de opdrachtknop Next. Het volgende scherm wordt nu getoond:
Schakel de optie Create icon for WinZip Self-Extractor Personal Edition in. Dan wordt in het startmenu een pictogram voorzien waarmee je zichzelf uitpakkende archiefbestanden kunt maken. Dergelijke bestanden hebben de extensie EXE en worden verder behandeld.
Als je op de opdrachtknop Program Locations... klikt, verschijnt een scherm waarin je kunt opgeven waar het anti-virusprogramma en de oude compressieprogramma's zich bevinden. Op die manier kun je ook met oude archiefbestanden werken en worden de archiefbestanden op virussen gecontroleerd.

Klik op de opdrachtknop Next. Klik daarna op Finish om de installatie te beëindigen.

WinZip kun je normaal gezien op de volgende manieren starten:
In dat geval verschijnt het volgende venster. Daarin wordt weergegeven hoe lang je WinZip al gebruikt en hoeveel archiefbestanden je al geopend hebt.
Klik op de opdrachtknop I Agree om WinZip te starten.

Klik in de werkbalk op de knop New, voer de menuopdracht File, New Archive... uit of druk de toetscombinatie Control + N. Het dialoogvenster New Archive verschijnt. In dit venster moet je de naam en de locatie van het archiefbestand opgeven. Als je bij de naam van het archiefbestand geen extensie intikt, krijgt het automatisch de extensie Zip. Als je de optie Add Dialog inschakelt, wordt onmiddellijk na het sluiten van dit dialoogvenster gevraagd welke bestanden je in dit archiefbestand wilt opnemen.

Klik op de opdrachtknop OK om te bevestigen.
Om bestanden aan een archief toe te voegen, moet je in de werkbalk op de knop Add klikken. Het dialoogvenster Add verschijnt. Daarin moet je de bestanden en/of mappen selecteren die je in het archiefbestand wilt opnemen:
In de bestandslijst bovenaan kun je één of meerdere bestanden selecteren (met Control of Shift zoals in de verkenner).
In het vak bestandsnaam kun je met behulp van wildcards als ? en * bestanden selecteren. Je moet dan wel op de opdrachtknop Add With Wildcards klikken om de selectie uit te voeren.
In de vervolgkeuzelijst Action kun je onder andere bepalen of de bestanden moeten toegevoegd worden aan of verplaatst worden naar het archief.
In de vervolgkeuzelijst Compression wordt bepaald hoe sterk de bestanden moeten gecomprimeerd worden.
Als je de optie Store Filenames in 8.3 Format aanklikt, worden lange bestandsnamen van Windows 95 of NT verkort opgeslagen.
De vervolgkeuzelijst Multiple Disk Spanning is enkel beschikbaar als je een archiefbestand op diskette aanmaakt. Normaal gezien vraagt WinZip om een nieuwe diskette als de diskette vol is (Automatic). Eventueel wordt gevraagd om de diskette te wissen (Automatic + wipe first disk).
De optie Recurse folders zorgt ervoor dat ook de subfolders van de huidige folder in het archiefbestand opgenomen worden.
Klik op de opdrachtknop Add om de geselecteerde bestanden aan het archiefbestand toe te voegen.
Om een archiefbestand te openen moet je in de werkbalk op de knop Open klikken, de menuopdracht File, Open archive uitvoeren of de toetscombinatie Control + O in te drukken. In het dialoogvenster Open Archive moet je dan het gewenste archiefbestand selecteren.

Als je een archiefbestand geopend hebt, toont WinZip inhoud van het archiefbestand.

Je kunt nu één of meerdere bestanden selecteren (met Control of Shift). Vervolgens moet je met de rechtermuisknop op één van de geselecteerde bestanden klikken. In het snelmenu kun je dan kiezen welke acties je op de bestanden wilt uitvoeren.

Als je WinZip correct geïnstalleerd hebt, kun je ook vanuit de verkenner bestanden en/of mappen archiveren. Daarvoor ga je als volgt te werk:
Je kunt bestanden en/of mappen aan een bestaand archiefbestand toevoegen door ze ernaartoe te slepen. Het moet dan wel om een Zip-bestand gaan.
Als je in de verkenner met de rechtermuisknop op een archiefbestand klikt, kun je in het snelmenu de opdracht Extract to ... uitvoeren. In dat geval wordt WinZip opgestart en wordt onmiddellijk het dialoogvenster Extract geopend. Daarin kun je dan opgeven in welke map het archiefbestand moet uitgepakt worden.
Als je de menuopdracht Extract to folder <naam van de actieve map> uitvoert, wordt het archiefbestand uitgepakt in een submap van de map waarin het archiefbestand zich bevindt. Deze submap krijgt de naam van het archiefbestand (uiteraard zonder extensie).
Bvb. C:\Mijn Documenten\Powertoy.zip ® C:\Mijn Documenten\Powertoy
Een self-extracting archief is een archief met de extensie Exe. Als je op een dergelijk archief dubbelklikt, wordt het gedecomprimeerd in een map naar keuze zonder dat het programma WinZip op de computer geïnstalleerd is.
Om in WinZip een self-extracting archief te maken, moet je als volgt te werk gaan:
1 Start WinZip
2 Open het archiefbestand waarvan je een self-extracting archiefbestand wilt maken.
3 Voer de menuopdracht Actions, Make .EXE File uit.
4 Klik op de opdrachtknop OK om het startscherm te sluiten.

5 In het dialoogvenster WinZip Self-Extractor Personal Edition wordt gevraagd van welk archiefbestand je een self-extracting archief wilt maken. Bovendien kun je ook opgeven in welke standaardmap het archiefbestand bij het dubbelklikken moet uitgepakt worden. Tenslotte kun je ook opgeven of het bestand onder Windows 3.1 of Windows 95 en NT moet gebruikt worden.
6 Klik op de opdrachtknop Make .EXE om het self-extracting archief aan te maken. Het bestand krijgt dezelfde naam als het oorspronkelijke archiefbestand maar wel de extensie EXE.
Als je in de verkenner met de rechtermuisknop op een archiefbestand klikt, kun je in het snelmenu de menuopdracht Create Self-Extractor (.EXE)... uitvoeren. De procedure van hierboven herhaalt zich vanaf stap 4.