Deliberaties – informatie voor leerkrachten

 

(bron: APR nr. 3 – De delibererende klassenraad op het einde van het schooljaar)

 

Juni 2006

 

 

BEGELEIDENDE KLASSENRADEN

 

Begeleidende klassenraden zijn er over het hele jaar.

 

DELIBERERENDE KLASSENRADEN

 

Op het einde van het schooljaar zijn er delibererende klassenraden.

 

BEVOEGDHEID VAN DE DELIBERERENDE KLASSENRAAD

Taak van de delibererende klassenraad: beslissen over het toekennen van oriënteringsattesten en/of studiebewijzen. De delibererende klassenraad is het enige orgaan om te beslissen over het al dan niet geslaagd zijn van de leerling.

 

AUTONOMIE VAN DE DELIBERERENDE KLASSENRAAD

Hij beslist autonoom. De autonomie gaat niet zo ver dat zijn beslissingen willekeurig zouden kunnen zijn. Elke deliberatiebeslissing moet gedragen worden door rechtens aanvaardbare motieven.

 

BIJ DISCUSSIE

Bij discussie zal het bewijs hiervan moeten geleverd worden op basis van het bestaande dossier. Wanneer deze stukken ontbreken en de klassenraad zijn beweringen niet hard kan maken aan de hand van deze en andere gegevens, dan zal bij juridische betwisting het voordeel aan de leerling worden gegeven.

 

ORIENTERINGSATTESTEN

Het oriënteringsattest A: de leerling heeft het leerjaar met vrucht beëindigd en mag tot het volgende leerjaar worden toegelaten.

 

Het oriënteringsattest B: de leerling heeft het leerjaar met vrucht beëindigd en mag tot het volgende leerjaar worden toegelaten, behalve in bepaalde onderwijsvormen of basisopties of studierichtingen.

 

Het oriënteringsattest C: de leerling heeft het leerjaar niet met vrucht beëindigd.

 

SAMENSTELLING

De delibererende klassenraad bestaat uit personen die hetzij ambtshalve stemgerechtigd, hetzij ambtshalve raadgevend zijn.

 

STEMGERECHTIGDE LEDEN

Voorzitter is de directeur of zijn afgevaardigde.

Alle leden van het onderwijzend personeel die in het betrokken leerjaar, onderwijsvorm en onderverdeling aan de leerling onderwijs verstrekken, moeten aanwezig zijn, behoudens in geval van gewettigde afwezigheid en bewezen overmacht.

 

Deze personen zijn ambtshalve stemgerechtigd.

 

Onverenigbaarheden:

-          bloed- of aanverwantschap tot en met de vierde graad;

-          aan de betrokken leerling(en) privaatlessen of een schriftelijke cursus gegeven hebben.

In principe zal dergelijk lid, op het ogenblik van de bespreking van de betrokken leerling, de vergadering verlaten.

 

Nog dit:

Met “alle leraren die het voorbije schooljaar les hebben gegeven” bedoelt men de leraren die op deliberatiedatum in functie zijn.

 

Tijdelijk aangestelde personeelsleden die bij het begin van het nieuwe schooljaar niet opnieuw aangesteld worden, zijn ertoe gehouden deel te nemen aan de delibererende klassenraden die eventueel pas eind augustus plaatsvinden.

 

NIET-STEMGERECHTIGDE LEDEN

De stemgerechtigde leden worden desgevallend bijgestaan door personeelsleden die ambtshalve raadgevend, en dus niet stemgerechtigd, zijn. Ze worden aangewezen door de directeur of zijn afgevaardigde.

 

DELIBERATIEVRAAG

Het principe van een toekomstgerichte, een prospectieve delibererende klassenraad geldt.

 

Een leerling wordt als geslaagd beschouwd indien hij in voldoende mate de doelstellingen die in het leerplan zijn opgenomen heeft bereikt en aldus bekwaam wordt geacht zijn studies voort te zetten in het volgende leerjaar.

 

Of een leerling een leerjaar “met vrucht” beëindigt, wordt dus in hoofdzaak bepaald door de kansen die, naar het oordeel van de delibererende klassenraad, de leerling heeft om in het volgende leerjaar (al dan niet van dezelfde onderwijsvorm en/of studierichting) te slagen.

 

DELIBERATIEGEGEVENS

De delibererende klassenraad steunt op een ruime en brede verzameling van gegevens met betrekking tot de leerling en tot het vervolgonderwijs.

 

GEGEVENS MET BETREKKING TOT DE LEERLING

-          de resultaten van proeven, toetsen of examens, die in de loop van het schooljaar door de leraren van de leerling werden afgenomen;

-          de beslissingen, vaststellingen en adviezen van de begeleidende klassenraad;

-          de resultaten van de geïntegreerde proef.

 

GEGEVENS MET BETREKKING TOT HET VERVOLGONDERWIJS

-          een goede studiekeuzebegeleiding is mede afhankelijk van de bereidheid van de klassenraden om schooloverstijgend te denken;

-          het wordt de leraren sterk aanbevolen hun kennis over de algemene structuur (onderwijsvormen, studiegebieden, structuuronderdelen) en de studieloopbanen in het secundair onderwijs te verruimen.

 

EEN OPTIMALE DELIBERATIEHOUDING

1 De houding van de leden van de delibererende klassenraad moet aansluiten bij de zorg om het ontdekken van de meest zinvolle studie- en/of beroepsloopbaan. Die zorg moet voorrang hebben op het louter sanctioneren van de houding en het werk van de leerling gedurende het voorbije schooljaar.

 

2 In geen geval mogen disciplinaire overwegingen de studiebeoordeling beïnvloeden. Wangedrag van leerlingen dat door orde- of tuchtmaatregelen werd gesanctioneerd, wordt niet in aanmerking genomen bij het beantwoorden van de deliberatievraag.

 

3 De leerling verdient beoordeeld te worden vanuit zijn globale vorming, zijn globaal kennen en kunnen, het totaal van zijn talenten en aanleg. Dit betekent dat het accentueren van sterktes of zwaktes in één of ander vak, in een onderdeel van de leerstof, op zichzelf niet doorslaggevend kan zijn.

 

4 Bij de beoordeling van de mogelijkheden van de leerling om zijn studies succesvol voort te zetten, baseert de delibererende klassenraad zich op het globale dossier.

 

STREVEN NAAR CONSENSUS

Stemming is facultatief.

 

Geen enkel vak mag de pretentie hebben alleen beslissend te zijn. Geen enkele leraar heeft een vetorecht.

 

Alle leraren moeten tijdens een delibererende klassenraad de kans krijgen om over een leerling hun persoonlijke beoordeling te geven. Zij zullen die beoordeling evenwel nooit opdringen.

 

EEN VISIE OP BIJKOMENDE PROEVEN

De reglementering bepaalt dat deliberatiebeslissingen in beginsel genomen worden uiterlijk op 30 juni van het betrokken schooljaar. Dit vormt de algemene regel, er van uitgaande dat de klassenraad de leerling voldoende kent en weet wat hij waard is, na hem gedurende een volledig schooljaar te hebben begeleid en geëvalueerd.

 

BIJ HET ORGANISEREN VAN BIJKOMENDE PROEVEN

Principes:

-          Een bijkomende proef is een uitzonderlijk redmiddel voor een klassenraad die in eer en geweten vaststelt niet over voldoende gegevens te beschikken om tot een beslissing te komen. Ze is niet de normale afloop van een schooljaar. Ze betekent niet dat de leerling een tweede kans krijgt. Leerlingen en ouders kunnen ze dan ook niet als een recht opeisen.

-          Een bijkomende proef kan in geen geval als straf gehanteerd worden voor een falen vreemd aan de eigenlijke deliberatievraag.

 

ALTERNATIEVEN VOOR BIJKOMENDE PROEVEN

De waarschuwing en het vakantiewerk.

 

 

COLLEGIALITEIT EN DISCRETIE

Elk lid van de delibererende klassenraad zal de genomen beslissing, die collegiaal werd aanvaard, verdedigen.

Hij moet de grootste discretie aan de dag leggen.

De houding vloeit voort uit het ambtsgeheim van de leraar dat in het verlengde ligt van de discretionaire bevoegdheid van de delibererende klassenraad.