11 Netwerken

11.1 Wat is een netwerk

11.2 Soorten netwerken

11.3 Hoe een netwerk tot stand brengen?

 

11.1 Wat is een netwerk

Van zodra 2 of méér computers met elkaar verbonden zijn kan je spreken van een netwerk.  Dit gaat dus van een klein netwerkje thuis tot en met het grote internet.

De bedoeling van een netwerk wordt in de volgende 3 termen verduidelijkt:

11.1.1. Device sharing

Dankzij een netwerk kan je een randapparaat toegankelijk  maken (of delen) voor meerdere pc's tegelijkertijd.  

Zoek zelf eens enkele voorbeelden:

Mogelijke antwoorden:
- de ganse klas maakt bv. gebruik van één enkele printer
- alle medewerkers van een bedrijf kunnen op internet via één enkele modem.
- iemand op kot heeft een telenet verbinding, en dankzij een zelfgebouwd netwerk kunnen de andere studenten ook toegang krijgen tot internet.

11.1.2 File sharing

Dit refereert naar het delen van bestanden voor verschillende gebruikers.  
Zoek zelf eens enkele voorbeelden:

Mogelijk antwoorden:
- studenten die tijdens de les een opgave van het netwerk van de school halen.
- de medewerkers van de afdeling facturatie en van de verkoop die tegelijkertijd gebruik maken van het klantenbestand. 

11.1.3 Program sharing

Dit zijn programma's die via het netwerk deelbaar worden gesteld voor iedereen van de organisatie.

Zoek zelf eens enkele voorbeelden.

Mogelijke antwoorden:
- het boekhoudprogramma Excellent staat op de centrale bedrijfscomputer, en alle medewerkers van de afdeling accounting kunnen daar gebruik van maken. 
- een tekstverwerkingspakket zoals WordPerfect wordt één keer op de server geïnstalleerd, en (afhankelijk van de instellingen) kunnen alle leerlingen van een klas daar gebruik van maken.

terug

 

11.2 Soorten netwerken

We onderscheiden 3 indelingen van netwerken:

·        geografische indeling

·        topografische indeling

·        software-matige indeling

11.2.1 Geografische indeling

Datacommunicatie is communiceren van data via de pc.  Dat communiceren kan op 2 niveaus gebeuren:

·        LAN: betekent een klein netwerk

·        WAN: betekent een groter netwerk

WAN

LAN

  De eigenschappen van beide systemen zetten we even op een rijtje:

·        LAN = Local Area Network

• Communicatie van het snelle type tussen computers.

• Netwerken die zich beperken tot een afstand van 1 kilometer.

• Meestal gaat het om bedrijfsnetwerken --> privaat

• Hoge datasnelheid

 

·        WAN = Wide Area Network.

      • Trage transmissie

• Afstand is niet meer beperkt tot enkele kilometers

• Koppelingen tussen bedrijfsnetwerken (intranet)

• bekendste toepassing = INTERNET

• Lage datasnelheid

 

De verbindingen bij een groter netwerk verlopen via openbare lijnen zoals telefoonlijnen of glasvezelkabel.  In het geval van Internet hebben we bv. een modem nodig om onze pc toegang te verschaffen tot dit netwerk.

 

 

 

 

Het woord modem is een samentrekking van 2 termen: moduleren en demoduleren.

Moduleren betekent omzetten van digitaal naar analoog ; demoduleren is het omgekeerde.

De computer stuurt dus digitale signalen naar de modem  waar ze worden omgezet in analoge signalen, die via een analoge lijn naar een andere modem gestuurd kunnen worden.  Daar gebeurt dan de omgekeerde omzetting.

Er zijn zowel interne als externe modems verkrijgbaar. 

De snelheid van een modem wordt uitgedrukt in bps of bits per seconde.  Tegenwoordig halen modems snelheden van 56 000 bps.  Het begrip baud wordt vaak verward met bps in deze context. Baud  heeft niets te maken met het aantal gegevens maar met de snelheid om data (analoog dus) over te zenden.   Deze term wordt echter niet vaak meer gebruikt.

 11.2.2 Topografische indeling

 a) bus-typologie

·        Meest eenvoudige en goedkoopste  netwerkstructuur

·        Hier gebruikt men meestal COAX-kabels

·        De ene computer is verbonden met de andere

·        Begint en eindigt met een T-stukje (50 Ohm) (Terminator)

·         NADEEL: Bij één kabelbreuk wordt alles uitgeschakeld

 

 

 

 


 b) ster-typologie

 

 

 

 

·        Van elke computer wordt een kabel gelegd naar een centraal punt (De HUB) (meestal Twisted pair kabels)

·        1 kabelbreuk = 1 pc uitgeschakeld

·        Veel bekabeling --> iets duurder

·        je hebt een Hub nodig (zie 11.3.2). 

c) ring-typologie  

 

 

 

 

 

 

 

·        De ring-typologie wordt minder frequent gebruikt

·        Er bestaan geen kabeluiteinden en dus ook geen terminators

·        1 kabelbreuk heeft geen effect op de werking (de computers blijven verbonden)

·        Het uitvallen van 1 computer heeft wel grote gevolgen.

11.2.3 Software-matige indeling

a) Peer to peer

·        Meer anarchistische opbouw

·        Elke pc is zowel server als workstation

·        Onafhankelijkheid van de server

·        Héél complexe configuratie

·        Als bij één pc het netwerk niet werkt, dan kunnen ook alle andere verbonden pc’s niet meer op het netwerk.

b) client server

·        De server staat centraal

·        Verschillende workstations connecteren zich met server

·        Workstations halen software van de server

·        Eenvoudige installatie en lage hardwarebehoeften

·         Eenvoudige software

terug

11.3 Hoe een netwerk tot stand brengen?

Om een netwerk tot stand te brengen heb je enerzijds een interface nodig, en anderzijds bekabeling. In deze volgorde worden ze ook besproken hieronder.  Daarnaast wordt er ook meestal gebruik gemaakt van een Netwerk Operating System, zoals Novell, Linux, of Windows NT.

11.3.1 Interface

De netwerkkaart vormt de interface tussen de pc en de bekabeling naar de andere pc's.  Je kan een klassificatie maken volgens verschillende criteria:
a) volgens de prijs en het merk
b) volgens het soort connectie
c) volgens de snelheid

a) de prijs en het merk

Je kan al een netwerkkaart kopen van   25,00 EUR. Als je echter zeker wilt zijn van een goede kwaliteit op lange termijn koop je beter een netwerkkaart van een bekend merk, zoals 3COM maar  dan hangt er wel een duurder prijskaartje aan vast.


b) het soort connectie

Op de volgende af beelding zie je een netwerkkaart met links een coax-kabel.
Rechts is er een opening voor een UTP kabel (zie verder).

foto van een netwerkkaart met links een coax aansluiting en rechts een UTP aansluiting.

c) de snelheid

Er zijn kaarten van 10 Mbit/sec, en van 100 Mbit/sec.
Mbit/sec = Mega bit per seconde (miljoen bits).

Voor een laptop is er een speciaal type netwerkkaart: de PCMCIA kaart (Personal Computer Memory Card International Association), zoals je ziet op de volgende afbeelding:

foto van een PCMCIA netwerkkaart die half uit een laptop steekt.

foto van de PCMCIA kaart zelf.

 

11.3.2 Bekabeling

Er zijn verschillende types bekabeling.  We bespreken kort de volgende:

a) coax

Dit type kabel was tot voor enkele jaren het meest gebruikte.  Technisch gezien kan je die kabel het best vergelijken met de kabel voor TV distributie.

Enkele kenmerken:
- de kabel kan niet rechtstreeks in de netwerkkaart, want er is een tussenstuk nodig, dit noemt men een BNC-connector (of een T-stukje). 
- bij het begin en het einde van het netwerk is er een terminator (of een stop) nodig.

Voordelen van het systeem:
- eenvoudig van concept en opbouw
- relatief goedkoop
- maximum afstand bedraagt 150 meter

Nadelen van coax zijn:
- als er ergens één kabelbreuk is ligt het ganse netwerk plat...
- de max. snelheid is 10 Mbit/sec.

b) UTP

UTP is de afkorting van Unshielded Twisted Pair. Dit is momenteel de meest gebruikte kabel voor netwerken.

foto van een UTP kabel die naar de netwerkkaart loopt.

Hieronder zie je hoe diezelfde UTP kabel verbonden wordt met een ingebouwde connector in de muur van een klaslokaal, waar die via interne bedrading verder verbonden is met het netwerk van onze school.

In de nieuwste lokalen zijn er meerdere verbindingen naast elkaar voorzien, ingeval meerdere studenten tegelijkertijd met de laptop op het netwerk en dus ook op internet kunnen werken. Elke ingang heeft ook een nummer dat overeenkomt met een nummer op een switch, zodat snel kan nagegaan worden waar er ergens een fout is.

 

Je kan 2 PC's met elkaar verbinden d.m.v. één enkele UTP kabel, die noemt men dan een cross link kabel.
In dit geval moeten de verbindingen van de kleine kabeltjes in de stekker anders gelegd worden (zie foto).


foto van een cross-link kabel & schema met uitleg


Van zodra je méér dan 2 pc's verbindt via dit type kabel heb je een Hub nodig om de kabels met elkaar te verbinden. 
Een Hub Is dus een centrale stekkerbus waar alle kabels van de verschillende computers gecentraliseerd worden. 
Deze stekkerbus is ook nog eens verbonden met de server, of met andere hub's in een groter netwerk.

foto van een HUB van het merk 3com.  

Op de voorkant zijn er allemaal kleine lampjes (LED's) voorzien die aangeven of een bepaalde verbinding al dan niet werkt. Op de achterkant zie je dan de connecties voor de UTP kabels.

Op deze foto zie je de achterkant van een HUB, met van links naar rechts:
- een stroomkabel (via een adapter)
- een coax verbinding (voor de link met de server)
- twee rijen met 8 connecties voor UTP kabels.

foto van een SWITCH van CISCO SYSTEMS

Hieronder vind je nog enkele foto's van de kasten met de racks waarin de diverse HUB's en alle UTP verbindingskabels bevestigd zitten.

 

c) glasvezelkabel

Het principe van glasvezel is dat data wordt doorgegeven via een lichtsignaal i.p.v. stroom, wat uiteraard veel sneller gaat.  Deze kabels hebben dus ook geen last van electronische storingen.  Dit type verbinding is wel vrij duur. De maximum afstand bedraagt 2  km., en door die eigenschap wordt deze kabel vaak gebruikt als verbinding tussen meerdere gebouwen van een campus of een bedrijf.

Glasvezelkabel mag niet verward worden met ISDN (= Integrated Services Digital Network).  ISDN werkt niet met glasvezel, maar het is een systeem dat via de klassieke telefoonlijn data kan versturen op een snellere manier dan via een gewone modem).

d) draadloos netwerk

Bij een draadloos netwerk komen geen kabels meer te pas. De bekendste en meest verspreide toespassing is natuurlijk het draadloos netwerk dat GSM verkeer mogelijk maakt. Er bestaan verschillende technologieën die het mogelijk maken om draadloos te werken: via infraroodsignalen, via radio-signalen, via satelliet, enz....

De meest gebruikte technologiëen zijn:

Wil je meer hierover weten, surf dan naar de volgende site: http://www.draadlozenetwerken.be. (ps: sommige stukken tekst in dit hoofdstuk zijn hierop gebaseerd).

Deze site is opgemaakt door Nick Thienpont & Joeri Meeus, 2 afgestudeerde studenten aan onze lerarenopleiding.

 

terug